logo

Van kleurentaal naar effectieve onderwijsomgeving

Door: Sanne Kuijpers

Wat heeft de kleurentheorie docenten te bieden? En hoe vertaal je deze theorie naar de meest effectieve leeromgeving voor docenten én studenten – gelet op persoonlijke kleurenvoorkeuren? Op 10 november 2016 gingen we samen met een groep docenten en onderwijsvernieuwers een middag lang op ontdekkingsreis.

Het onderwijs van de 21e eeuw vraagt een diversiteit van vaardigheden, zowel van docenten als studenten. Wil je jezelf nog beter leren kennen, meer inzicht krijgen in anderen en zo de samenwerking verbeteren? Dan biedt de kleurentaal van Insights Benelux een mooi raamwerk. Deze kleurentheorie stond centraal tijdens de interactieve middag voor docenten en onderwijsvernieuwers die Gispen organiseerde in samenwerking met Perpetuum. Vijftien professionals van verschillende hogescholen en universiteiten namen deel.

Persoonlijke voorkeursstijlen

Rob van der Westerlaken van Perpetuum gaf een toelichting op de theorie van de kleurenvoorkeuren, en op de vragenlijst die alle deelnemers vooraf hadden ontvangen. Deze vragenlijst levert een indicatie op van ieders psychologische voorkeuren, vertaald naar een kleur. Van overwegend ‘rode’ en ‘gele’ tot ‘blauwe’ of ‘groene’ mensen. Een kleurenprofiel bestaat nooit uit één kleur. Wel heeft iedereen primair een bepaalde voorkeursstijl:

  • Rood staat voor de beslisser: energiek, individueel en gericht op actie
  • Geel staat voor de inspirator: flexibel, overtuigend en visionair
  • Blauw staat voor de observator: gericht op structuur, nauwkeurig en beschouwend
  • Groen staat voor de supporter: gericht op samenwerking, verbondenheid en gezelligheid

Aan de slag!

De kleurentheorie vormt een mooi perspectief om naar ‘samenwerking’ en naar de onderwijsomgeving te kijken. In een eerste oefening gingen deelnemers met dezelfde kleurenvoorkeur met elkaar om tafel. ‘In welke omgeving functioneer jij het best? Hoe ziet die leeromgeving er concreet uit?’ Erg leuk was het om te zien hoe de verschillende kleurgroepjes duidelijk hun eigen benadering hadden. Van in 3 minuten klaar zijn (rood) tot heel gestructureerd te werk gaan (blauw). Van veel schrijven en tekenen op presentatieborden (geel) tot elkaar uitgebreid de ruimte geven (groen).

Een docente achteraf: ‘Het was zó leuk om weer eens te voelen hoe het is om met allemaal gelijkgestemden samen te werken. De energie die dan vrijkomt!’

Gemixt

In een tweede sessie werden de groepjes gemixt. De vraag was nu in welke omgeving een ‘rode’/’gele’/’blauwe’/’groene’ student het best tot zijn of haar recht komt. Dat betekende jezelf echt inleven – zeker als je een andere voorkeursstijl hebt. Het bleek nog best een uitdaging! Direct was te zien dat je bewuster moet schakelen als er verschillende energieën bij elkaar aan tafel zitten. En dat men bepaalde talenten extra ging inzetten, of juist helemaal niet. Deelnemend docente: ‘Ik wil hier echt iets mee doen met mijn studenten. Zodat ze leren over zichzelf in relatie tot een ander.’

Conclusies

Hoe bewuster je je bent van de kleuren, hoe makkelijker je er iets mee kunt doen. Vervolgens is het belangrijk dat iedere ‘kleur’ zijn of haar plek kan vinden binnen de onderwijsomgeving. Zorg dus voor diversiteit – in inrichting, sferen en mogelijkheden. Dit gaat iets betekenen voor de systematiek van roosteren. Dezelfde klaslokalen voor iedereen (want: makkelijker in te roosteren) passen niet meer bij de ontwikkelingen die we zien binnen het onderwijs. Daarnaast speelt ICT in het ‘nieuwe leren’ een essentiële rol. Denk aan interactieve schermen aan de wand en voldoende mogelijkheden om laptops in te pluggen.

Hoe zorg je voor flexibiliteit?

Tot slot is flexibiliteit een wens bij veel onderwijsinstellingen. Vaak wordt gedacht: wil je flexibel zijn, dan moet je alles verplaatsbaar maken (bijvoorbeeld op wieltjes). Een nadeel is het chaotische eindresultaat – daar maak je ‘blauwe’ mensen niet blij mee. Een alternatief is kiezen voor een hoofdstructuur van gevarieerde vaste elementen en de studenten en docenten hier omheen laten bewegen. Aangevuld met flexibele componenten.

We konden hier direct een mooi voorbeeld van laten zien. In een grote ruimte staat een kleine, vaste tribune waar korte instructies gegeven kunnen worden. Vaste coupés om rustig in te overleggen of concentreren. Veel borden om ideeën op te delen (fijn voor de ‘gele’ types). En tafels voor projectmatig samenwerken. Met name de tribune leidde tot enthousiaste reacties: ‘Heel actief en uitnodigend voor studenten om iets te vertellen in de groep, twee stappen naar beneden zijn zo gezet!’

In de praktijk

Gispen ontwikkelt in vervolg hierop een workshop ‘Laat de leeromgeving bijdragen aan effectief leren’.

Interesse? Neem vrijblijvend contact op met ondergetekende Marieke Kamperman, 06-22696366 of collega-interieurontwerper Alice Tabak, 06-53838195.

Interessante links




Plaats reactie